landschafspark duisburg nord

Mijn hart klopt voor het industriële. Voor het vergane, viesige, het immense grote. Dus trok ik naar Noord Duisburg. Een plek waar staal ooit zong en vuur de hemel kleurde. Hier ligt een terrein dat ooit bruiste van leven. Hier stond een hoogoven die zijn gloriedagen beleefde in het ritme van ruwijzer. Nu is het stil. Verlaten. Maar niet vergeten.

 

Verlaten door de arbeiders, ja. Maar niet door de fotografen. Je struikelt erover. Statief hier, drone daar, lenzen in alle richtingen. Ook nieuwsgierigen zonder camera dwalen rond, maar het zijn vooral de beeldjagers die hier hun slag slaan. Iedereen zoekt die ene hoek, dat ene licht, die ene compositie zonder andere fotografen erin. Een spel van ontwijken en ontdekken.

 

En dan komt de avond. De zon zakt, de gebouwen zwijgen, en plots.... licht. De Britse kunstenaar Jonathan Park heeft het terrein omgetoverd tot een sprookjesachtig decor. Zijn lichtinstallatie laat staal gloeien, schaduwen dansen, en roest glinsteren als sterrenstof. Het is magisch. Maar ook een beetje spookachtig. Alsof de geesten van het verleden nog rondwaren tussen de pijpen en silo’s.

 

 Je blijft klikken. Want elke hoek lijkt op de vorige, maar toch nét anders. Thuisgekomen blader je door je foto’s en denkt: Had ik die ene trap niet moeten pakken? Die roestige buis? Dat vergeten hoekje? Maar geen zorgen. De hoogovens, gebouwd in 1901, staan er nog. En ze wachten.

Op jouw terugkeer.